Algemene leveringsvoorwaarden

Algemene Leveringsvoorwaarden behorende bij aanmeldingsformulier of lesovereenkomst van Verkeersschool Hoek Bouma B.V.

Artikel 1: Verplichtingen verkeersschool

De verkeersschool is verplicht er zorg voor te dragen:

1. Dat les wordt gegeven door instructeurs, die voldoen aan de Wet Rijonderricht Motorrijtuigen.
2. Dat de leerling zo veel mogelijk rijonderricht ontvangt van dezelfde instructeur.
3. Dat de instructeur de leerling periodiek en in ieder geval eens per 5 lessen informatie geeft over
de vooruitgang van de leerling en de voortgang in relatie tot de exameneisen.
4. Dat uiterlijk twee weken na de datum waarop overeenstemming met de leerling is bereikt dat
het onderzoek naar de rijvaardigheid (hierna: het onderzoek) kan worden aangevraagd en de
leerling de kosten van het onderzoek aan de verkeersschool heeft voldaan, de aanvraag
daadwerkelijk is ingediend bij de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) het
CCV of het Bureau Nader Onderzoek Rijvaardigheden (BNOR) onder voldoening van de
daarvoor geldende bedragen en bescheiden.
5. Dat de leerling, die de verkeersschool het onderzoek heeft aangevraagd, op de datum en tijd
waarvoor hij/zij is opgeroepen voor het afleggen van een onderzoek de beschikking heeft over
hetzelfde les(motor)voertuig als waarin de rijlessen zijn ontvangen, dan wel over een voertuig
van hetzelfde of gelijkwaardig type.
6. Dat de tijdsduur van de te geven rijles, zoals overeengekomen in de lesovereenkomst,
volledig  wordt benut voor het geven van rijles.
7. Dat er een verzekering is afgesloten, welke in ieder geval een dekking biedt van
€ 1.134.450,00 tegen aansprakelijkheid van de rijschool ten opzichte van de leerling.
8. De leerling te wijzen op het feit dat eventuele medische klachten, waarvan de kandidaat
redelijkerwijs kan verwachten dat deze van invloed kunnen zijn op de bevoegdheid een
motorvoertuig te besturen, van invloed kunnen zijn op de aanvraag en het doen van een
onderzoek.
9. De leerling te wijzen op het feit dat op grond van de verblijfsstatus wordt bepaald of een
rijbewijs kan worden afgegeven.
10. De leerling te wijzen op het feit dat, zodra er sprake is van een ontzegging van de
bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen, hij/zij hiervan melding moet maken aan de
verkeersschool.

Artikel 2: Verplichtingen leerling

De leerling is verplicht:

1. Zich te houden aan de afgesproken datum, tijd en plaats voor de rijles (door de
verkeersschool wordt een wachttijd van 15 minuten in acht genomen) en bij niet verschijnen
op het afgesproken tijdstip zonder tijdige afzegging, de volledige lesprijs te voldoen.
2. De volledige lesprijs te voldoen indien de rijles wordt afgezegd binnen 48 uur voor de
afgesproken tijd (zondagen alsmede erkende feestdagen worden niet meegerekend).
3. Een les of opleiding kan uitsluitend telefonisch afgezegd worden via het hoofdnummer van
Verkeersschool Hoek Bouma.
4. Een te laat afgezegde rijles wordt niet in rekening gebracht bij afzegging vanwege een
dringende reden, hieronder wordt verstaan een ernstig ongeval, een ernstige ziekte of
overlijden. Deze dringende reden geldt voor kandidaten, familieleden in de eerste of tweede
graad of huisgenoten die volgens het bevolkingsregister op hetzelfde adres staan
ingeschreven.
5. Bij annulering van opleidingen c.q. cursussen (opleidingen c.q. cursussen waarbij de rij- en/of
theorielessen en praktijk- en theorie-examen al gepland zijn) wordt de volgende
annuleringstaffel in acht genomen:
* uiterlijk vier weken voorafgaand aan eerste opleidings- en/of cursusdag: kosteloos
* uiterlijk drie weken voorafgaand aan eerste opleidings- en/of cursusdag: 50%
* uiterlijk twee weken voorafgaand aan eerste opleidings- en/of cursusdag: 75%
* uiterlijk één week voorafgaand aan eerste opleidings- en/of cursusdag: 100%
6. Alle aanwijzingen van de rij-instructeur tijdens de rijlessen op te volgen.
7. Het met de verkeersschool overeengekomen lesschema, zoals de aan te leren lesonderdelen
en het aantal te volgen rijlessen per week, tot aan de datum van ieder onderzoek na te komen.
8. De leerling dient bij het onderzoek een geldig legitimatiebewijs en een geldig theoriecertificaat
te overleggen.
9. Eventuele medische klachten, waarvan de kandidaat redelijkerwijs kan verwachten dat deze
van invloed kunnen zijn op de bevoegdheid een motorvoertuig te besturen, tijdig af te
stemmen met het examenbureau voordat de rijopleiding wordt begonnen. Als de leerling
nalaat dit te doen en de rijopleiding daardoor moet worden onderbroken of afgebroken, kan de
verkeersschool hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld.
10. Indien een examen is aangevraagd / vastgelegd is de leerling te allen tijde verplicht deze te
voldoen samen met de administratiekosten, tenzij men na de annulering een schriftelijke
medische verklaring kan overleggen met een gegronde rede, waarna de administratiekosten
nog wel verrekend worden; dit geldt voor een periode binnen drie weken voor de
examendatum.
11. Indien een leerling is ingedeeld voor een cursus of spoedcursus is deze verplicht de
cursuskosten te betalen, tenzij men na de annulering een schriftelijke medische verklaring kan
overleggen met een gegronde reden; dit geldt voor een periode binnen vier weken voor de
eerste cursusdag.
12. De verkeersschool met DigiD te machtigen, zodat de verkeersschool het onderzoek kan
aanvragen. De verkeersschool kan er niet aansprakelijk voor worden gesteld als de leerling dit
nalaat.
13. De verkeersschool te melden indien er sprake is van een ontzegging van de bevoegdheid tot
het besturen van motorrijtuigen. De verkeersschool kan er niet aansprakelijk voor worden
gesteld als de leerling dit nalaat.

Artikel 3: Betaling

1. De leerling of opdrachtgever is verplicht het overeengekomen bedrag aan inschrijvingsgeld /
cursusgeld / administratiekosten voor aanvang van de eerste les te voldoen.
2. Tenzij uitdrukkelijk anders wordt overeengekomen moet betaling van het lesgeld en de
kosten, verbonden aan de individueel of in groepsverband te volgen lessen, per les worden
voldaan. De kosten voor de noodzakelijke leerboeken en ander lesmateriaal dienen bij het
afleveren te worden voldaan, tenzij schriftelijk anders overeengekomen.
3. De verkeersschool is gerechtigd tijdens de duur van de lesovereenkomst de lesprijs te
verhogen. De leerling is gerechtigd in dat geval de lesovereenkomst schriftelijk te ontbinden,
van welke bevoegdheid hij gebruik kan maken tot twee weken na kennisneming van de
prijsverhoging.
4. Indien niet conform artikel 3 lid b en c betaald wordt en er niet uitdrukkelijk een ander moment
van betaling is overeengekomen dan wel indien wel uitdrukkelijk een ander moment van
betaling is overeengekomen en betaling op dat overeengekomen moment niet plaatsvindt,
dan is de verkeersschool vanaf dat moment gerechtigd over het verschuldigde bedrag
de wettelijke rente in rekening te brengen. Hierbij wordt het resterende gedeelte van de maand
vanaf het moment waarop de betaling had moeten plaatsvinden als gehele maand
aangemerkt. Deze verhoging van het verschuldigde bedrag wordt beschouwd als een
voorwaarde, waaronder door de verkeersschool uitstel van betaling is verleend, zonder dat
hiermee de verplichting van de leerling tot contante betaling c.q. tot betaling per
overeengekomen tijdstip komt te vervallen.
5. Indien de leerling na sommatie in gebreke is gebleven, blijft het verschuldigde bedrag te
betalen, en is de verkeersschool gerechtigd dit bedrag met de incassokosten te verhogen.
Deze incassokosten omvatten zowel de gerechtelijke als de buitengerechtelijke kosten.
Buitengerechtelijke kosten zijn alle kosten die aan de verkeersschool in rekening worden
gebracht door advocaten, procureurs, deurwaarders en ieder ander van wie de
verkeersschool zich bedient voor de invordering van het verschuldigde bedrag. De
buitengerechtelijke kosten worden vastgesteld op ten minste 15% van het verschuldigde
bedrag met een minimum van € 40,00.

Artikel 4: Aanvraag onderzoek naar de rijvaardigheid c.q. herhalingsonderzoek (verder te noemen onderzoek)

1.  Tenzij uitdrukkelijk anders overeengekomen dienen de kosten van of ten behoeve van de
aanvraag van het onderzoek gelijktijdig met de invulling van de aanvraag en de eigen
verklaring (of het verstrekken van de laatste) contant aan de verkeersschool te worden
voldaan.
2. Veertien dagen na datum van invulling en betaling van de betaling van de aanvraag van het
onderzoek heeft de leerling recht op inzage van het geleidebiljet en van het stortings- of
overschrijvingsbewijs waaruit blijkt dat zijn/haar aanvraag van het onderzoek bij het CBR,
CCV, of het BNOR is ingediend.
3. Indien het onderzoek geen doorgang vindt omdat de leerling niet of te laat op het onderzoek
verschijnt en dit niet te wijten is aan de verkeersschool, of omdat de leerling geen vereiste,
geldige documenten kan tonen, dan zijn de kosten voor de aanvraag van een nieuw
onderzoek voor rekening van de leerling.
4. Indien het onderzoek geen doorgang vindt wegens vakantie van de leerling, draagt de leerling
zelf de verantwoordelijkheid voor de kosten, tenzij de vakantieperiode (zoals bij de
vakantieregeling CBR geldt) bij de aanvraag van het onderzoek aan de verkeersschool is
opgegeven.
5. De verkeersschool is na mondeling of schriftelijke aankondiging gerechtigd tussentijdse
prijswijzigingen van de theorie en het praktijk gedeelte van het onderzoek door te berekenen
en is verplicht op verzoek van de leerling een specificatie van de prijswijzigingen te geven.

Artikel 5: Onderzoek naar de rijvaardigheid

1. Indien het CBR, het CCV of het BNOR het onderzoek wegens slechte weersomstandigheden
op de afgesproken tijd geen doorgang laat vinden, kan de verkeersschool de leerling het
lesgeld van één rijles in rekening brengen voor het opnieuw vastgestelde examen.
2. Indien de leerling het onderzoek niet kan aanvangen of voltooien als gevolg van het feit dat:
a. Er sprake is van een dringende reden zoals genoemd in artikel 2 lid d,
b. Het lesvoertuig, waarmee het onderzoek dient te worden afgelegd, door overmacht niet ter
beschikking is en geen lesvoertuig van hetzelfde of gelijkwaardig type ter beschikking is.
c. Het lesvoertuig, waarmee het onderzoek dient te worden afgelegd, door de examinator van
het CBR, het CCV of de deskundige van het BNOR wordt afgekeurd en geen vervangend
lesvoertuig van hetzelfde of gelijkwaardig type beschikbaar is, zal de verkeersschool ervoor
zorgen dat voor de leerling een nieuw onderzoek wordt aangevraagd indien de leerling dit
wenst. De verkeersschool staat ervoor in dat het aanvragen van het onderzoek dan
geschiedt zonder kosten voor de leerling.
3. In de in lid b punt 2 en 3 genoemde gevallen garandeert de verkeersschool bovendien dat de
leerling, indien hij/zij opnieuw onderzoek aanvraagt, drie werkelijke uren (180 minuten) gratis
rijlessen ontvangt.

Artikel 6: Beëindiging van de lesovereenkomst

1. Indien de lesovereenkomst niet is aangegaan voor een vast aantal lessen dan wel niet is
aangegaan voor een vaste periode kan de lesovereenkomst door zowel de leerling als de
verkeersschool worden opgezegd met in achtneming van een opzeggingstermijn van één
maand en wel tegen de eerste dag van een kalendermaand. Indien er sprake is van een al
vooruitbetaald bedrag heeft de leerling in dit geval recht op restitutie van een eventueel
vooruitbetaald bedrag, onder aftrek van het al aan CBR, CCV of BNOR betaalde examengeld,
al genoten rijlessen evenals administratiekosten. De leerling is niet verplicht om gedurende
deze opzegtermijn rijlessen te volgen, mits is voldaan in artikel 2 lid b.
2. Indien de lesovereenkomst is aangegaan voor een vast aantal lessen of voor een vast
overeengekomen periode (bv. de 10 daagse rijopleiding) kan de leerling de lesovereenkomst
slechts beëindigen indien er sprake is van dringende reden zoals vermeld in artikel 2 lid d. Bij
beëindiging om dringende reden is de leerling gehouden de prijs voor de al genoten lessen
vermeerderd met de prijs van één lesuur, evenals de administratiekosten, evenals het al aan
het CBR, CCV of BNOR betaalde examengeld, te vergoeden. Indien het bedrag ineens bij
vooruitbetaling is voldaan zal de verkeersschool het verschuldigde bedrag restitueren onder
aftrek van het betaalde examengeld en een bedrag naar rato van het aantal al genoten
lessen, vermeerderd met een vergoeding gelijk aan de prijs van één lesuur evenals de
administratiekosten.
3. De verkeersschool kan de lesovereenkomst, aangegaan voor een vast aantal lessen dan wel
voor een vaste periode, slechts beëindigen om dusdanig dringende redenen, dat van de
verkeersschool onmogelijk verwacht kan worden deze te continueren onder terugbetaling aan
de leerling van die (les)gelden, waarvoor de verkeersschool nog niet heeft gepresteerd,
onverminderd de in artikel 7 van deze overeenkomst gemelde mogelijkheid van de leerling
zich te wenden tot het daar genoemde bemiddelingsbureau.
4. Bij beëindiging van de lesovereenkomst heeft de leerling in alle gevallen recht op restitutie van
aan de verkeersschool betaalde examengelden ter hoogte van het door het CBR, CCV of
BNOR vastgestelde tarief, voor zover de verkeersschool deze gelden nog niet heeft
afgedragen aan het CBR, CCV of BNOR.

Artikel 7: Bemiddelings- en Geschillenregeling

1. Bemiddeling
1. De leerling kan, indien er geschillen ontstaan tussen hem/haar en de verkeersschool ter zake
van de in de artikelen 1 t/m 6 van de in deze voorwaarde bedoelde verplichtingen, een beroep
doen op bemiddeling.
2. De bemiddeling wordt verleend door het BOVAG Bemiddelingsbureau, Postbus 1100, 3980
DC te Bunnik. Telefoon (à 35 eurocent per minuut) 0900-2692268. Bemiddeling kan slechts
worden ingeroepen nadat de leerling zich eerst tot de verkeersschool heeft gewend en dit niet
heeft geleid tot een oplossing van het geschil.
3. Het beroep op bemiddeling moet schriftelijk worden gedaan binnen een periode van twee
weken nadat het geschil is ontstaan.
4. Indien bemiddeling naar de mening van de leerling niet tot een bevredigende oplossing leidt
c.q. indien de rijschool de bij de bemiddeling geadviseerde oplossing van het geschil niet
volgt, kan, onverminderd de bevoegdheid van de burgerlijke rechter, het geschil op schriftelijk
verzoek van de leerling worden onderworpen aan een voor beide partijen bindend advies.

2. Geschillenregeling
1. De leerling kan, als de in lid 1 genoemde bemiddelingspoging niet is geslaagd, of als de
leerling niet de voorkeur aan een bemiddeling geeft, bij geschillen tussen hem/haar en de
verkeersschool terzake van de in de artikelen 1 t/m 6 van de in deze voorwaarden bedoelde
verplichtingen het geschil aanhangig maken bij de geschillencommissie Rijopleidingen van de
stichting Geschillencommissies, p/a Postbus 90600, 2509 LP te Den Haag.
2. In het geval dat bemiddeling door het BOVAG-bemiddelingsbureau heeft plaatsgehad, dient
de leerling het geschil binnen 6 weken na ontvangst van het bericht dat de bemiddeling geen
resultaat heeft gehad, bij de geschillencommissie aanhangig te maken. Als er geen
bemiddeling door het BOVAG-bemiddelingsbureau heeft plaatsgevonden, dient de leerling het
geschil, uiterlijk 3 maanden nadat het is gerezen, bij de geschillencommissie aanhangig te
maken.
3. De Geschillencommissie Rijopleidingen doet uitspraak met inachtneming van de bepalingen
van het voor haar geldende reglement bij wege van bindend advies. Het reglement wordt
desgevraagd toegezonden. Voor de behandeling van een geschil is een vergoeding
verschuldigd.
4. Voor de behandeling van het geschil door de Geschillencommissie is de leerling een
vergoeding verschuldigd.
5. Een uitspraak van de Geschillencommissie Rijopleidingen zal in rechte niet aantastbaar zijn,
indien meer dan twee maanden na de verzending ervan, zijn verstreken en geen beroep op
de gewone rechter is gedaan.
6. De BOVAG afdeling verkeersopleidingen staat borg voor de uitvoering van het bindende
advies dat ten nadele van de verkeersschool is uitgebracht tot een bedrag van maximaal
€ 454,-. In geval van faillissement of surseance van betaling of bedrijfsbeëindiging geldt de
borgstelling alléén als de leerling het geschil aanhangig heeft gemaakt bij de
geschillencommissie vóórdat van een dergelijke situatie sprake is.

Artikel 8: Vrijwaring

1. De verkeersschool vrijwaart de leerling voor aanspraken van derden als gevolg van botsing,
aan- of overrijdingen tijdens de rijles evenals tijdens het onderzoek met uitzondering van die
voorvallen die het gevolg zijn van opzet en/of grove schuld van de leerling, evenals het
gebruik door de leerling van alcohol, verdovende middelen of geneesmiddelen die de
rijvaardigheid beïnvloeden.
2. Indien de leerling, ondanks zijn/haar verklaring dat hem/haar bij rechterlijke uitspraak niet de
bevoegdheid is ontzegd motorvoertuigen te besturen noch zijn/ haar rijbewijs is ingevorderd,
toch rijles neemt, dan wel indien de opgave onjuist zou zijn, vrijwaart de leerling de
verkeersschool volledig en zal eventueel ter zake de opgelegde boetes geheel vergoeden,
evenals alle andere financiële consequenties geheel overnemen.

Artikel 9: Aanvullende voorwaarden

1. Indien er sprake is van een rijleskamp dan wel een gecomprimeerde rijopleiding is de rijschool
gerechtigd aanvullende voorwaarden te stellen.
2. Aanvullende voorwaarden als bedoeld in lid 1 dienen bij de lesovereenkomst gevoegd te zijn
en worden geacht daarvan deel uit te maken.
3. De verkeersschool behoudt zich het recht voor een opleiding c.q. cursus af te zeggen of te
verplaatsen om moverende redenen.

Rijles Purmerend